Wijzigingen Kynologisch Reglement per 1 juli 2010 De volgende wijzigingen in het Kynologisch Reglement (KR) gelden vanaf 1 juli 2010. Het complete Kynologisch Reglement kunt u downloaden van de website van de Raad van Beheer, www.raadvanbeheer.nl onder de knop ‘Raad van Beheer’, pagina ‘Regelgeving’. Artikel III.14 KR (oud) 1. De inschrijving in de Nederlandse stamboekhouding wordt geweigerd, indien a. inschrijving op grond van Afdeling 1 niet mogelijk is; b. de Raad van Beheer van oordeel is, dat de juistheid van de bij of naar aanleiding van de dekaangifte en/of de geboorte-aangifte en/of het verzoek tot inschrijving verstrekte gegevens onvoldoende vaststaat; c. de Fokker en/of de Eigenaar van de vaderhond naar het oordeel van de Raad van Beheer onvoldoende medewerking verleent aan een onderzoek naar de juistheid van de onder b bedoelde gegevens; d. de Raad van Beheer van oordeel is dat de raszuiverheid van de betrokken hond ondanks de inschrijving in een door de F.C.I. erkende buitenlandse stamboekhouding onvoldoende vaststaat; e. de betrokken hond niet vanwege de Raad van Beheer of een door de F.C.I. erkende buitenlandse instantie is geïdentificeerd; f. de Fokker ten tijde van de worp de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt; g. de betrokken hond niet in eigendom aan een natuurlijk persoon toebehoort; h. de betrokken hond in het buitenland is geboren en niet is ingeschreven in een in het land van geboorte bijgehouden en door de F.C.I. erkende stamboekhouding; i. de betrokken hond in Nederland is geboren en reeds in een door de F.C.I. erkende buitenlandse stamboekhouding is ingeschreven; j. de inschrijving in strijd zou zijn met een door het Tuchtcollege opgelegde straf; k. de betrokken hond aan de oren is gecoupeerd en in Nederland geboren is na 1 oktober 1996. De hond kan wel worden geïdentificeerd maar heeft geen recht op een Stamboom; m. de betrokken hond aan de staart is gecoupeerd en in Nederland geboren is na 31 augustus 2001. De hond kan wel worden geïdentificeerd maar heeft geen recht op een Stamboom Dit lid is niet van toepassing op een hond die beschikt over een “Medische verklaring geamputeerde staart of geboorte staartloze pup”, conform artikel I.4. onder ‘t’. 2. In afwijking van het eerste lid onder h behoeft de inschrijving niet geweigerd te worden, indien in het land van geboorte geen door de F.C.I. erkende stamboekhouding wordt bijgehouden en de hond geboren is uit ouders die in een door de F.C.I. erkende stamboekhouding zijn ingeschreven. 3. Een besluit tot weigering van een inschrijving wordt met opgave van redenen aan de verzoeker meegedeeld. Artikel III.14 KR (nieuw) 1. De inschrijving in de Nederlandse stamboekhouding wordt geweigerd, indien a. inschrijving op grond van Afdeling 1 niet mogelijk is; b. de Raad van Beheer van oordeel is, dat de juistheid van de bij of naar aanleiding van de dekaangifte en/of de geboorte-aangifte en/of het verzoek tot inschrijving verstrekte gegevens onvoldoende vaststaat; c. de Fokker en/of de Eigenaar van de vaderhond naar het oordeel van de Raad van Beheer onvoldoende medewerking verleent aan een onderzoek naar de juistheid van de onder b bedoelde gegevens; d. de Raad van Beheer van oordeel is dat de raszuiverheid van de betrokken hond ondanks de inschrijving in een door de F.C.I. erkende buitenlandse stamboekhouding onvoldoende vaststaat; e. de betrokken hond niet vanwege de Raad van Beheer of een door de F.C.I. erkende buitenlandse instantie is geïdentificeerd; f. de Fokker ten tijde van de worp de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt; g. de betrokken hond niet in eigendom aan een natuurlijk persoon toebehoort; h. de betrokken hond in het buitenland is geboren en niet is ingeschreven in een in het land van geboorte bijgehouden en door de F.C.I. erkende stamboekhouding; i. de betrokken hond in Nederland is geboren en reeds in een door de F.C.I. erkende buitenlandse stamboekhouding is ingeschreven; j. de inschrijving in strijd zou zijn met een door het Tuchtcollege opgelegde straf; k. de betrokken hond aan de oren is gecoupeerd en in Nederland geboren is na 1 oktober 1996. De hond kan wel worden geïdentificeerd maar heeft geen recht op een Stamboom; l. de betrokken pups zijn geboren uit een combinatie zoals genoemd in artikel VIII.3; m. de betrokken hond aan de staart is gecoupeerd en in Nederland geboren is na 31 augustus 2001. De hond kan wel worden geïdentificeerd maar heeft geen recht op een Stamboom Dit lid is niet van toepassing op een hond die beschikt over een “Medische verklaring geamputeerde staart of geboorte staartloze pup”, conform artikel I.4. onder ‘t’ n. geconstateerd is dat de betrokken Fokker dit reglement heeft overtreden. Wanneer de overtreding betrekking heeft op titel 2 van Hoofdstuk VI zal de Raad van Beheer het verzoek tot inschrijving in de Nederlandse stamboekhouding aanhouden tot het moment dat het Tuchtcollege uitspraak heeft gedaan. 2. In afwijking van het eerste lid onder h behoeft de inschrijving niet geweigerd te worden, indien in het land van geboorte geen door de F.C.I. erkende stamboekhouding wordt bijgehouden en de hond geboren is uit ouders die in een door de F.C.I. erkende stamboekhouding zijn ingeschreven. Voorwaarde voor inschrijving in de Nederlandse stamboekhouding van deze honden is dat zij voorafgaand aan de inschrijving eerst een afstammingsonderzoek ondergaan. 3. Een besluit tot weigering van een inschrijving wordt met opgave van redenen aan de verzoeker meegedeeld. Artikel III.34 KR (oud) (hangt samen met wijziging artikel IV.47 KR) 1. Nederlandse en internationale schoonheidskampioenstitels als bedoeld in de artikelen IV.44 onderscheidenlijk IV.46 worden in de Nederlandse stamboekhouding vermeld door deze in afkorting aan de naam van de hond vooraf te doen gaan. 2. Winnertitels en Jeugdwinnertitels als bedoeld in de artikelen IV.47 worden in de Nederlandse stamboekhouding vermeld door deze in afkorting op de naam van de hond te doen volgen. 3. Erkende buitenlandse nationale schoonheidskampioenstitels, nationale werkkampioenstitels als bedoeld in Hoofdstuk V, erkende internationale werkkampioenstitels en erkende buitenlandse nationale werkkampioenstitels worden op verzoek van de Eigenaar van de hond in de Nederlandse stamboekhouding vermeld door deze in afkorting of in code op de naam van de hond te doen volgen. 4. Indien een Rasvereniging besluit aan de honden die beste van hun Ras, respectievelijk hun Variëteitsgroep, zijn geworden op de door die vereniging georganiseerde Kampioenschapsclubmatch, dan wel een door die vereniging georganiseerde Kampioenschapsclubmatch in combinatie met een gewone Clubmatch, de titel “Clubwinnaar met jaartal” toe te kennen, dan wordt deze titel voor de toepassing van dit artikel gelijk gesteld met de in het tweede lid bedoelde titels. 5. Bij een verzoek als bedoeld in het derde lid worden bewijsstukken overgelegd. 6. De Raad van Beheer bepaalt of en in hoe verre de in het derde lid bedoelde titels in afkorting dan wel in code worden vermeld en op welke wijze de afkorting en eventuele codering moet plaats vinden. 7. Indien titels in code worden vermeld, worden de codes op de achterzijde van de Stamboom of in een bijlage bij de Stamboom verklaard. Artikel III.34 KR (nieuw) 1. Nederlandse en internationale schoonheidskampioenstitels als bedoeld in de artikelen IV.44 onderscheidenlijk IV.46 worden in de Nederlandse stamboekhouding vermeld door deze in afkorting aan de naam van de hond vooraf te doen gaan. 2. Winnertitels, Jeugdwinnertitels en Veteranenwinnertitels als bedoeld in artikel IV.47 worden in de Nederlandse stamboekhouding vermeld door deze in afkorting op de naam van de hond te doen volgen. 3. Erkende buitenlandse nationale schoonheidskampioenstitels, nationale werkkampioenstitels als bedoeld in Hoofdstuk V, erkende internationale werkkampioenstitels en erkende buitenlandse nationale werkkampioenstitels worden op verzoek van de Eigenaar van de hond in de Nederlandse stamboekhouding vermeld door deze in afkorting of in code op de naam van de hond te doen volgen. 4. Indien een Rasvereniging besluit aan de honden die beste van hun Ras, respectievelijk hun Variëteitsgroep, zijn geworden op de door die vereniging georganiseerde Kampioenschapsclubmatch, dan wel een door die vereniging georganiseerde Kampioenschapsclubmatch in combinatie met een gewone Clubmatch, de titel “Clubwinnaar met jaartal” toe te kennen, dan wordt deze titel voor de toepassing van dit artikel gelijk gesteld met de in het tweede lid bedoelde titels. 5. Bij een verzoek als bedoeld in het derde lid worden bewijsstukken overgelegd. 6. De Raad van Beheer bepaalt of en in hoe verre de in het derde lid bedoelde titels in afkorting dan wel in code worden vermeld en op welke wijze de afkorting en eventuele codering moet plaats vinden. 7. Indien titels in code worden vermeld, worden de codes op de achterzijde van de Stamboom of in een bijlage bij de Stamboom verklaard. Artikel III.49 KR (oud) 1. Het recht tot het voeren van een kennelnaam wordt geweigerd, indien a. de verzoeker of één van de verzoekers ten tijde van het verzoek de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt; b. de verzoeker of één van de verzoekers niet in Nederland woonachtig is; c. de verzoeker een op het maken van winst gericht bedrijf uitoefent waarin honden worden verhandeld, dan wel rechtstreeks of indirect in of voor een zodanig bedrijf werkzaam is of daarin belangen heeft, een en ander ter beoordeling van de Raad van Beheer; d. de verblijfplaats van de bij de verzoeker verblijvende honden niet voldoet aan de bij of krachtens de wet dan wel door de Raad van Beheer gestelde eisen; e. de verzoeker weigert, de onder d bedoelde verblijfplaats aan de vertegenwoordiger van de Raad van Beheer te tonen; f. de aangevraagde kennelnaam op grond van artikel III.50 geweigerd wordt; g. artikel III.47 niet is nageleefd; h. inwilliging van het verzoek anderszins in strijd zou zijn met de belangen van de kynologie; i. op één naam reeds twee kennelnamen staan geregistreerd. 2. Indien het verzoek door meer personen wordt ingediend, is het eerste lid op ieder van hen van toepassing. 3. Een besluit tot weigering van het recht tot het voeren van een kennelnaam wordt met opgave van redenen aan de verzoeker meegedeeld. Artikel III.49 KR (nieuw) 1. Het recht tot het voeren van een kennelnaam wordt geweigerd, indien a. de verzoeker of één van de verzoekers ten tijde van het verzoek de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt; b. de verzoeker of één van de verzoekers niet in Nederland woonachtig is; c. de verzoeker een op het maken van winst gericht bedrijf uitoefent waarin honden worden verhandeld, dan wel rechtstreeks of indirect in of voor een zodanig bedrijf werkzaam is of daarin belangen heeft, een en ander ter beoordeling van de Raad van Beheer; d. de verblijfplaats van de bij de verzoeker verblijvende honden niet voldoet aan de bij of krachtens de wet dan wel door de Raad van Beheer gestelde eisen; e. de verzoeker weigert, de onder d bedoelde verblijfplaats aan de vertegenwoordiger van de Raad van Beheer te tonen; f. de aangevraagde kennelnaam op grond van artikel III.50 geweigerd wordt; g. artikel III.47 niet is nageleefd; h. op één naam reeds een kennelnaam staat geregistreerd; i. inwilliging van het verzoek anderszins in strijd zou zijn met de belangen van de kynologie. 2. Indien het verzoek door meer personen wordt ingediend, is het eerste lid op ieder van hen van toepassing. 3. Een besluit tot weigering van het recht tot het voeren van een kennelnaam wordt met opgave van redenen aan de verzoeker meegedeeld. Artikel IV.7 KR (oud) Een Keurmeester mag slechts in het buitenland keuren met voorafgaande toestemming van de Raad van Beheer, zulks ongeacht of de keuring al dan niet een Ras dan wel een bepaalde discipline betreft ten aanzien waarvan aan de Keurmeester, blijkens vermelding als bedoeld in artikel IV.4 eerste lid, door de Raad van Beheer keuringsbevoegdheid is verleend. Het verzoek moet tijdig schriftelijk bij de Raad van Beheer worden ingediend. Artikel IV.7 KR (nieuw) 1. Een Keurmeester mag slechts in het buitenland keuren met voorafgaande toestemming van de Raad van Beheer, zulks ongeacht of de keuring al dan niet een Ras dan wel een bepaalde discipline betreft ten aanzien waarvan aan de Keurmeester, blijkens vermelding als bedoeld in artikel IV.4 eerste lid, door de Raad van Beheer keuringsbevoegdheid is verleend. Het verzoek moet tijdig schriftelijk bij de Raad van Beheer worden ingediend. 2. Exterieurkeurmeesters zoals beschreven in artikel I.4 onder k, zijn van de verplichting tot het vooraf aanvragen van toestemming voor een keuring in het buitenland uitgesloten. Zij zijn zelf verantwoordelijk voor het aanvaarden van een keuring die valt binnen hun bevoegdheid en voor het aanvaarden van een keuring bij een door de Raad van Beheer, bij de FCI en/of door de FCI erkende buitenlandse organisatie. Artikel IV.47 KR (oud) 1. De titel “Winner”, onderscheidenlijk “Winster”, gevolgd door het jaar waarin de titel werd behaald, wordt toegekend aan iedere reu, onderscheidenlijk teef, die op een Winnertentoonstelling als beste reu, onderscheidenlijk teef, van het Ras of de Variëteitsgroep is aangewezen, mits de hond de kwalificatie “uitmuntend” heeft behaald. 2. De titel “Jeugdwinner”, onderscheidenlijk “Jeugdwinster”, gevolgd door het jaar waarin de titel werd behaald, wordt toegekend aan de reu, onderscheidenlijk de teef, die op een Winnertentoonstelling in de Jeugdklasse als nummer 1 is geplaatst, mits de hond de kwalificatie “uitmuntend” heeft behaald. Artikel IV.47 KR (nieuw) 1. De titel “Winner”, onderscheidenlijk “Winster”, gevolgd door het jaar waarin de titel werd behaald, wordt toegekend aan iedere reu, onderscheidenlijk teef, die op een Winnertentoonstelling als beste reu, onderscheidenlijk teef, van het Ras of de Variëteitsgroep is aangewezen, mits de hond de kwalificatie “uitmuntend” heeft behaald. 2. De titel “Jeugdwinner”, onderscheidenlijk “Jeugdwinster”, gevolgd door het jaar waarin de titel werd behaald, wordt toegekend aan de reu, onderscheidenlijk de teef, die op een Winnertentoonstelling in de Jeugdklasse als nummer 1 is geplaatst, mits de hond de kwalificatie “uitmuntend” heeft behaald. 3. De titel “Veteranenwinner”, onderscheidenlijk “Veteranenwinster”, gevolgd door het jaar waarin de titel werd behaald, wordt toegekend aan de reu, onderscheidenlijk de teef, die op een Winnertentoonstelling in de Veteranenklasse als nummer in 1 is geplaatst, mits de hond de kwalificatie “uitmuntend” heeft behaald. Artikel IV.127 KR (oud) 1. Vervolgens wijst de Keurmeester van de Open klasse uit de reu en de teef waaraan de kampioenschapsprijzen zijn toegekend, de beste van het Ras, onderscheidenlijk de Variëteitsgroep, aan. 2. Indien de Open klasse reuen en de Open klasse teven door verschillende Keurmeesters zijn gekeurd, wijzen beide Keurmeesters gezamenlijk de beste van het Ras aan. 3. Indien de beide in het tweede lid bedoelde Keurmeesters niet tot overeenstemming kunnen komen, wordt de beste van het Ras aangewezen door een door de eventueel aanwezige gedelegeerde van de Raad van Beheer aan te wijzen Keurmeester. 4. a. Bij het keuren van de beste honden van de kampioenschapsclubmatch wordt de regel in acht genomen dat een hond die bij een keuring door een andere hond is geslagen, niet meer aan de daarop volgende keuring kan deelnemen. b. Het bepaalde in lid 4.a.van dit artikel is niet van toepassing op de collectieve klassen zoals beschreven in artikel IV.16 lid 2. 5. De volgorde van de erekeuring dient als volgt in het programma van de kampioenschapsclubmatch opgenomen te worden: koppel-, fokkerij en nakomelingenklasse, beste reu, beste teef, best in show. 6. De keuring van beste puppy en beste baby kan op elk door de organisatie gewenst moment plaatsvinden, mits het tijdstip van deze keuringen, c.q. de volgorde ervan in de erering vooraf in de catalogus is aangegeven. 7. Andere vormen van keuringen (zoals beste veteraan, beste gebruikshond, beste jeugdhond) dienen ná de Best in Show competitie plaats te vinden, mits daarbij de regel in acht genomen wordt dat een hond die bij een keuring door een andere hond is geslagen, niet meer aan de daarop volgende keuring kan deelnemen met uitzondering van de collectieve klassen zoals beschreven in artikel IV.16 lid 2. Artikel IV.127 KR (nieuw) 1. Vervolgens wijst de Keurmeester van de Open klasse uit de reu en de teef waaraan de kampioenschapsprijzen zijn toegekend, de beste van het Ras, onderscheidenlijk de Variëteitsgroep, aan. 2. Indien de Open klasse reuen en de Open klasse teven door verschillende Keurmeesters zijn gekeurd, wijzen beide Keurmeesters gezamenlijk de beste van het Ras aan. 3. Indien de beide in het tweede lid bedoelde Keurmeesters niet tot overeenstemming kunnen komen, wordt de beste van het Ras aangewezen door een door de eventueel aanwezige gedelegeerde van de Raad van Beheer aan te wijzen Keurmeester. 4. a. Bij het keuren van de beste honden van de kampioenschapsclubmatch wordt de regel in acht genomen dat een hond die bij een keuring door een andere hond is geslagen, niet meer aan de daarop volgende keuring kan deelnemen. b. Het bepaalde in lid 4.a.van dit artikel is niet van toepassing op de collectieve klassen zoals beschreven in artikel IV.16 lid 2. 5. De volgorde van de erekeuring dient als volgt in het programma van de kampioenschapsclubmatch opgenomen te worden: beste reu, beste teef, de Koppelklasse, de Fokkerijklasse, de Nakomelingenklasse, best in show. De keuring van de collectieve klassen kan ook ná de best in show plaatsvinden, mits het tijdstip van deze keuringen, c.q. de volgorde ervan in de erering vooraf in de catalogus is aangegeven. 6. De keuring van beste puppy en beste baby kan op elk door de organisatie gewenst moment plaatsvinden, mits het tijdstip van deze keuringen, c.q. de volgorde ervan in de erering vooraf in de catalogus is aangegeven. 7. Andere vormen van keuringen (zoals beste veteraan, beste gebruikshond, beste jeugdhond) dienen ná de Best in Show competitie plaats te vinden, mits daarbij de regel in acht genomen wordt dat een hond die bij een keuring door een andere hond is geslagen, niet meer aan de daarop volgende keuring kan deelnemen met uitzondering van de collectieve klassen zoals beschreven in artikel IV.16 lid 2. Artikel VIII.3 KR (oud) Indien er pups worden geboren uit een combinatie waarvan één of beide ouderdieren niet voldoen aan de voorwaarden van dit hoofdstuk, volgt er een sanctie tegen de Fokker conform artikel VI.25 lid 1 en 2. Artikel VIII.3 KR (nieuw) De volgende combinaties van fokreu en fokteef zijn niet toegestaan: a. Ouder / kind combinatie (combinatie P generatie / F1 generatie) b. Broer / zus combinatie (combinatie F generatie) c. Grootouder/kleinkind combinatie (combinatie P generatie / F2 generatie) Artikel VIII.4 KR (nieuw) Bij overtreding van één of meer artikelen uit dit hoofdstuk, volgt er een sanctie tegen de Fokker conform artikel VI.24.